Omschrijving risico
De afgelopen jaren is er een toename van het aantal huishoudens met problematische schulden
geconstateerd (CBS, Divosa, Humanitas). Deze stijging doet zich ook in de Noordoostpolder voor. Dit
houdt onder meer in dat in de gemeente een toenemend aantal inwoners een beroep doet op
schuldhulpverlening bij de gemeente. Daarnaast is er de afgelopen 3 tot 4 jaar een toename van het
aantal vroegsignaleringen. Dit zijn signalen die door schuldeisers (verhuurders, verzekeraars,
energiemaatschappijen, etc.) aan de gemeente worden gegeven als er sprake is van een
(beginnende) betalingsachterstand zodat de gemeente kan proberen te helpen om problematische
schulden te voorkomen. Dit is sinds 1 januari 2021 een wettelijke taak van de gemeenten. Er zijn
diverse oorzaken voor de stijging van het aantal vroegsignaleringen en de verwachting is niet dat dit
op korte termijn minder wordt. Dit heeft mogelijk tot gevolg dat er extra personele inzet nodig is om de
meldingen te kunnen behandelen, daarnaast zullen er kosten ontstaan voor externe partners (zoals
bijvoorbeeld het KBNL) en voor nieuw beleid. Momenteel loopt er ook een landelijke pilot met de belastingdienst (de gemeente Noordoostpolder is hier niet bij betrokken), waardoor het mogelijk is dat na afloop van deze pilot (over 2 jaar) de belastingdienst ook deelneemt aan de vroegsignalering en het aantal meldingen nog verder toeneemt. Meldingen die niet worden opgepakt kunnen mogelijk leiden tot hogere kosten achteraf (bij een toename van de schuldenproblematiek). Daarnaast speelt er vaak meer dan alleen schuldenproblematiek en kan er door vroegsignalering ook preventief worden ingezet op andere hulpvragen.
Oorzaak risico
De afgelopen jaren is er een toename van het aantal huishoudens met problematische schulden
geconstateerd.
Mogelijk gevolg
Een toenemend beroep op schuldhulpverlening bij de gemeente.
Beheersmaatregel
Als deze ontwikkeling doorzet, zal de gemeente extra inzet plegen om zo de aantallen huishoudens
met problematische schulden zo veel mogelijk te voorkomen (vroegsignalering). Daarnaast is er dan
extra inzet nodig om de beoogde halvering te realiseren. Hiervoor kijken we ook kritisch naar een
andere inrichting van processen en de samenwerking met partners. Het is nog onduidelijk hoe groot de
exacte toename aan werk zal zijn, maar de inschatting is dat extra inzet noodzakelijk is (1-2 fte).
